Subacromiaal pijnsyndroom

Vaak is de oorzaak van het subacromiaal pijnsyndroom onduidelijk, soms ontstaat het ten gevolge van een vroeger doorgemaakt letsel (zoals bijvoorbeeld een botbreuk), een afwijkende vorm van het schouderdak, botaangroei ten gevolge van slijtage of chronische overbelasting met verdikking van de pezen tot gevolg. Ook andere oorzaken kunnen een rol spelen. Er ontstaat een slijmbeursontsteking en in het algemeen is met name hoog reiken alsmede op de schouder liggen pijnlijk.

Het doel van de operatie is om de pijn weg te nemen. Dit wordt bereikt door de slijmbeurs (bursa subacromiale) te verwijderen, één van de ligamenten van de schouder (ligamentum coracoacromiale) deels te verwijderen en enkele millimeters van de onderzijde van het schouderdak af te halen. Omdat er geen wetenschappelijk bewijs is dat de behandeling middels operatie beter is dan behandeling middels fysiotherapie en/of infiltraties met ontstekingsremmers wordt de operatie alleen uitgevoerd indien de conservatieve behandeling onvoldoende klachtenverlichting oplevert. Verbetering van beweeglijkheid en vermindering van pijn wordt bij 77% van de geopereerde patiënten bereikt. Van de patiënten is 88% tevreden over het resultaat van de operatie

Operatie

Meestal wordt de operatie middels een kijkoperatie uitgevoerd. Indien er nog andere afwijkingen (zoals het hechten van een gescheurde pees) moeten worden behandeld wordt vaak gekozen voor een “open” procedure. De resultaten met beide procedures zijn identiek.

  • Kijkoperatie: er wordt een incisie van ongeveer 1 cm aan de achterzijde van de schouder gemaakt. Er wordt een glasvezel kijkbuis (arthroscoop) in het schoudergewricht gebracht die aangesloten is op een camera. De binnenkant van het schoudergewricht wordt in zijn geheel bekeken en de beelden worden zichtbaar op een monitor. Indien nodig wordt via een incisie van ongeveer 1 cm aan de voorzijde van de schouder instrumentarium ingebracht waarmee begeleidende letsels kunnen worden behandeld. Vervolgens wordt de kijkbuis onder het schouderdak gebracht. Via een incisie van ongeveer 1 cm aan de zijkant van de schouder wordt instrumentarium ingebracht waarmee de slijmbeurs, een deel van het ligamentum coraco-acromiale en de onderzijde van het schouderdak worden verwijderd. Voor zover mogelijk worden de pezen van de rotatorenmanchet bekeken. De wondjes worden gesloten met een hechting. Er worden pleisters en een mitella of sling aangelegd.
  • “Open procedure”: er wordt een incisie van ongeveer 5 cm aan de zijkant van de schouder gemaakt. De deltaspier (m.deltoideus) wordt weggehouden en deels losgemaakt van het schouderdak. De slijmbeurs, het ligamentum coraco-acromiale en de onderzijde van het schouderdak worden verwijderd. Voor zover mogelijk worden de pezen van de rotatorenmanchet bekeken. De deltaspier wordt, indien mogelijk, teruggehecht aan het schouderdak. De wond wordt gesloten met hechtingen. Er wordt een pleister en een mitella of sling aangelegd.

Uw behandelaars

Vestigingen

Alle vestigingen