Buigpeesletsel

Vertrouw op Xpert Clinic
Consult en behandeling mogelijk in 24 vestigingen
40 gespecialiseerde artsen door heel Nederland
Zonder wachttijden, dus snel geholpen

Door elke vinger lopen, aan de kant van de handpalm, twee buigpezen; een oppervlakkige en een diepe buigpees. Beide pezen worden omgeven door een peeskoker. Om de vinger goed te kunnen buigen is het belangrijk dat de pezen ten opzichte van elkaar verschuiven en dat ze ook door de peeskoker kunnen glijden. Na een verwonding door glas, een mes of na een operatie is dat mechanisme van bewegen en van glijden aangetast, dan spreken we van buigpeesletsel. Het is niet meer mogelijk om het eindkootje te buigen.

Diagnose van buigpeesletsel

Met behulp van testjes onderzoeken we of er pezen kapot zijn en zo ja, welke. Ook worden altijd de doorbloeding en het gevoel in de vinger nauwkeurig gecontroleerd.

Het behandeltraject

De stappen van een behandeling

Telefonische intake

Telefonische intake

Voor een behandeling bij Xpert Clinic heeft u altijd een verwijzing van uw huisarts nodig. Alle behandelingen die u ondergaat bij de artsen van Xpert Clinic worden door alle zorgverzekeraars 100% vergoed.

Heeft u vragen, of wilt u uw consult inplannen? 

Plan een intake Bellen

Adviesgesprek met arts

Adviesgesprek met arts

Voorbereiding

Het kan handig zijn thuis uw bezoek aan Xpert Clinic alvast voor te bereiden. Probeer bijvoorbeeld uw gezondheidsklachten alvast duidelijk te omschrijven. Noteer ook uw vragen aan de arts, zodat u niet vergeet deze te stellen. Als u wilt kunt u iemand meenemen naar het gesprek met de arts. Twee horen immers meer dan een. 

Niet vergeten

  • De verwijsbrief van uw huisarts (meestal alleen bij eerste bezoek)
  • Een lijst met de medicijnen die u gebruikt (deze is op te vragen bij uw apotheek)
  • Geldige verzekeringspapieren
  • Een legitimatiebewijs (paspoort of rijbewijs)

Op tijd

Wanneer u aan de beurt bent, ontvangt de arts u in de spreekkamer. De eerste afspraak bestaat meestal uit een gesprek en het onderzoeken van de hand of pols. De arts probeert aan de hand hiervan de oorzaak van uw klachten vast te stellen. Vervolgens kan gekeken worden welke behandelmogelijkheden er zijn. Mogelijk beslist de arts dat aanvullend onderzoek nodig is.

Aanvullend onderzoek

Aanvullend onderzoek, zoals röntgenonderzoek, vindt indien mogelijk plaats op de kliniek. Mocht er een MRI-onderzoek, echo of CT-scan nodig zijn, dan vindt dit in het ziekenhuis plaats. De uitslag van een onderzoek in het ziekenhuis is niet direct bekend. U kunt de uitslag op verschillende manieren vernemen: mondeling bij een volgend bezoek aan de specialist of telefonisch via de specialist. De arts bespreekt met u wanneer en op welke manier u de uitslag krijgt. 

Verslag naar de huisarts

Naar aanleiding van het eerste consult stuurt de arts altijd een verslag naar uw huisarts. Zijn de onderzoeken en/of de behandeling afgerond en hoeft u niet meer terug te komen? Dan bevat dit verslag de bevindingen van de arts. Bent u langer onder behandeling? Dan doet de arts soms ook tussentijds verslag aan de huisarts.

Behandelingen

Behandeling van buigpeesletsel

Hechten

De pezen worden door middel van sterke hechtdraden en diverse knooptechnieken weer stevig aan elkaar gemaakt. Soms stevig genoeg om direct onder begeleiding van onze handtherapeuten te kunnen oefenen. Handtherapie is heel belangrijk om verklevingen te voorkomen!

Peesreconstructie

Een peesreconstructie is een intensief traject met veel handtherapie en minimaal twee operaties. Eerst moet er een tunneltje gemaakt worden voor de pees. Daarvoor wordt een 'spacer' gebruikt, een siliconen buisje dat op de oude plek van de pees wordt gelegd. Na acht tot twaalf weken volgt een tweede operatie waarbij een pees uit de arm of het been wordt getransplanteerd naar de vinger. Op die manier kunt u uw vinger weer buigen en strekken.

Nazorg

Herstel

Na een verwonding of operatie kunnen er verklevingen tussen de oppervlakkige en de diepe buigpees ontstaan. Deze verklevingen kunnen het verschuiven en het bewegen van de pezen tegen houden, waardoor de vinger niet meer volledig kan buigen of strekken. Daarom is het belangrijk om meteen en op een verantwoorde manier met uw vinger te gaan oefenen onder begeleiding van een handtherapeut!

Tijdens ons spreekuur helpen wij patiënten meteen met handtherapie. Hiervoor werken we nauw samen met het handencentrum in de nabije omgeving. Vóór de ingreep krijgt u al uitleg over de therapie en meteen na de operatie begeleidt de handtherapeut u bij de eerste oefeningen.

Eerste periode (0-4 weken na de operatie)

Na de operatie wordt binnen vijf dagen een spalk gemaakt. Vanaf dit moment kunt u met de oefeningen beginnen.

De vinger is met de spalk verbonden door middel van een elastiek; dit elastiek is door middel van een haakje of een hechting aan de nagel verbonden. Door het elastiek wordt de vinger vanzelf gebogen.

In de eerste periode mag u de vinger nog niet zelf buigen, omdat de pees dan weer los kan raken. Wel is het van belang om de vinger in de spalk zelf te strekken, omdat bij het strekken de buigpezen juist ontspannen. Er wordt dan geen kracht op de pezen uitgeoefend.

In deze periode moet u de vinger ieder uur minimaal twintig keer tegen de milde weerstand van het elastiek strekken. Het is vooral belangrijk dat het tweede vingerkootje volledig gestrekt wordt. Als dit niet goed lukt dreigt dit gewricht stijf te worden in een buigstand, waardoor het gewricht niet meer volledig kan worden gestrekt.

Tweede periode (4-8 weken na de operatie)

Na ongeveer vier weken wordt het elastiek verwijderd en kunt u gaan beginnen met het actief buigen van de vinger. De gehechte pees is echter nog niet zo sterk en de vinger mag nog niet met kracht worden gebogen.

In deze periode moet u ook weer elk uur blijven oefenen. Het maken van verschillende vuisten is een belangrijke oefening. U begint met het volledig strekken van de vingers en vanuit die stand buigt u de vingers naar de verschillende vuiststanden toe. Later in deze periode kunnen de buigoefeningen worden uitgebreid. U moet proberen om elk vingerkootje afzonderlijk te buigen. Naast de oefeningen mag u langzaam maar zeker weer beginnen met het uitvoeren van uw normale dagelijkse bezigheden.

Derde periode (8-12 weken na de operatie)

Nu gaat het erom dat u weer kracht in uw hand krijgt. U kunt oefenen met putty (een soort elastische knijpklei). Afhankelijk van uw werk kunt u dit ook weer langzaam maar zeker gaan hervatten.

Wanneer u een afspraak maakt bij Xpert Clinic, maken wij voor u een persoonlijke webpagina aan. Op 'Mijn Xpert Clinic' vindt u een overzicht van al uw afspraken voor behandelingen en controles. Maar u leest ook wat u kunt verwachten tijdens het consult, de ingreep en de herstelperiode. U kunt op elk moment inloggen om te zien wat de volgende stap zal zijn en waar u rekening mee moet houden. ‘Mijn Xpert Clinic’ is de plek waar u alles nog eens rustig na kunt lezen. Zo bent u altijd goed voorbereid en weet u precies waar u aan toe bent.

Daarnaast vragen wij u op ‘Mijn Xpert Clinic’ een aantal vragenlijsten in te vullen over uw klachten, uw algemene gezondheid en uw ervaring bij Xpert Clinic. Uw gegevens worden verwerkt in het kwaliteitssysteem Pulse. Pulse zorgt ervoor dat u als patiënt de best mogelijke zorg krijgt. Maar het verbetert ook het behandeltraject van de patiënten die na u komen.

Bij elke operatie kunnen complicaties optreden, zoals een nabloeding, wondinfectie, weefselversterf, narcoseproblemen, trombose of een longontsteking. Deze complicaties komen zelden voor en kunnen vrijwel altijd goed behandeld worden.

Na een peesoperatie kunnen verklevingen optreden. Om de kans hierop te verkleinen, wordt onmiddellijk gestart met handtherapie. Ook wordt erop gelet dat de gewrichten zo soepel mogelijk blijven. Bij operaties in de vinger is er altijd een hele kleine kans dat er een zenuw of slagader geraakt wordt. Alle operaties worden door ons gedaan met een loepbril om de kans hierop zo klein mogelijk te houden.

Neem contact op
Bel 088 778 52 03 Plan een intake