Malunion Radius

Algemeennaar boven

Veel mensen houden polsklachten na een gebroken pols. Dit kan twee redenen hebben:

  • In ongeveer 40% van alle polsfracturen scheuren ook de bandjes tussen de polsbotten. Wanneer die niet (goed) herstellen geeft dat pijnklachten en zorgt het voor de slijtage van het polsgewricht.
  • Wanneer de pols verkeerd vastgroeit, is er sprake van malunion van de radius. Een pols die ingezakt is, achterover of juist extreem naar voren staat, geeft pijnklachten. Ook kan het gewricht tussen de ellepijp en spaakbeen uit de kom schieten of maar een beperkte beweeglijkheid hebben. U kunt dan bijvoorbeeld moeilijk wisselgeld aannemen omdat de hand niet open gedraaid kan worden. Een ingezakte pols kenmerkt zich door een naar boven uitstekende ellepijp en pijn aan de ellepijpzijde van de pols.

Oorzaaknaar boven

Er zijn zeer veel soorten polsbreuken. Om die goed te kunnen behandelen is het belangrijk te weten bij wie en hoe de breuk is ontstaan. De behandeling van een gebroken pols bij een dame op leeftijd verschilt wezenlijk van een jonge motorrijder met een verkeersongeluk. Wanneer er niet op de juiste manier wordt behandeld, is de kans groot dat de polsbreuk niet in de goede stand geneest.

Diagnosenaar boven

Door middel van lichamelijk onderzoek, testen, röntgenfoto’s, MRI-scan of een pols-artroscopie (kijkoperatie) kan het probleem worden opgespoord.

Behandelingnaar boven

Bandletsel

Bij bandletsel is soms een reconstructie van de band nodig, een zogenaamde Brunelli plastiek, of moeten een of meerdere polsbotjes worden vastgezet.
 
Malunion
Malunion kan worden gecorrigeerd door een correctie-osteotomie van de pols. Dit betekent het opnieuw doorzagen en goed zetten van de pols, vaak in combinatie met een transplantatie van bot uit de bekkenkam. Dit is op zich een relatief zware ingreep maar het kan bijzonder dankbaar zijn wanneer u veel polsklachten heeft na een breuk.

Risico'snaar boven

Bij elke operatie kunnen complicaties optreden, zoals een nabloeding, wondinfectie, weefselversterf, narcoseproblemen, trombose of een longontsteking. Deze complicaties komen zelden voor en kunnen vrijwel altijd goed behandeld worden.
Risico’s na het corrigeren van een verkeerde stand van een polsbreuk (correctie-osteotomie) kunnen zijn dat het bot niet vastgroeit, dat het bot deels terugzakt, en dat de afwijking niet geheel gecorrigeerd kan worden. Ook bestaat er een kleine kans op dystrofie.

Herstelnaar boven

Na een correctie-osteotomie krijgt u kortdurend gips en/of een afneembare spalk.
Er moet direct geoefend worden onder begeleiding van een handtherapeut. Meestal merkt u meteen dat u de pols weer veel beter kunt bewegen.